laatste wijziging: 18-01-2018

418 1466 – 1536 Erasmus

Desiderius Erasmus (Rotterdam, 28 oktober 1466[2], 1467 of 1469 – Bazel, 12 juli 1536) was een Nederlandse priester, augustijner kanunnik, theoloog, filosoof, schrijver en humanist. Erasmus was een vriend van Thomas More.

Voor Erasmus is godsdienst vertrouwen dat de menselijke rede God kent en vereert

Na een bezoek aan Italië bedacht hij op weg naar Engeland zijn beroemdste werk, Lof der zotheid. Bij aankomst in het huis van More in Londen zette hij het snel op papier en publiceerde het met hulp van More in 1509.

Lof der zotheid heeft twee doelen:

Het boek is in de eerste plaats een satire en kritiek op de instellingen en instituties van de kerk, waar hij tijdens zijn verblijf in Steyr een haat tegen had ontwikkeld. Hij valt de kloosterorden en hun opvattingen over godsdienstuitoefening aan, die zou bestaan uit ‘het exacte aantal knopen waarmee hun sandalen moeten worden dichtgeknoopt: Hij vervolgt met meer venijn: ‘Het zal een genot zijn om hun pleidooien voor het grote tribunaal te horen: de een zal opscheppen hoe hij zijn vleselijke lusten heeft onderdrukt door alleen vis te eten; een ander zal zeggen dat hij zich het grootste deel van zijn leven op aarde heeft beziggehouden met de goddelijke oefening van psalmen zingen … maar Christus zal hen in de rede vallen: “Wee u, schriftgeleerden en farizeeërs … 1k heb jullie slechts een gebod gegeven, hebt elkander lief, en ik heb niemand horen zeggen dat hij zich daar gewetensvol aan gehouden heeft.”‘

Daarmee komen we bij het tweede aspect van Lof der zotheid. Erasmus ziet godsdienst als een verering `vanuit het hart’ en daarbij zijn de instituties en tussenpersonen van de kerk niet nodig. Echte godsdienst is volgens Erasmus een worm van zotheid in de zin dat hij simpel en direct is en niet gecompliceerd moet worden met onnodige subtiliteiten en dogmatische doctrines. Godsdienst is voor hem gebaseerd op een humanisme in de klassieke betekenis, op het vertrouwen dat de menselijke rede God kent en vereert. Erasmus was daarmee geen liefhebber van de scholastiek, noch van de filosofische goden van zijn tijd, Plato en Aristoteles.
Erasmus zag meer in Augustinus, van wie hij de doctrine overnam dat de rede de dienaar van het geloof is. Naast het schrijven van Lof der zotheid en zijn latere Colloquia heeft hij zich vooral beziggehouden met vertalingen uit het Grieks en Latijn van de bijbel.

Erasmus had een enorme invloed op het ontstaan van de Reformatie, maar verrassend genoeg koos hij in de strijd tussen katholieken en protestanten, die toch ongetwijfeld dichter bij de religieuze opvattingen van Erasmus stonden, de kant van de katholieken. Deze contradictie weerspiegelt zijn wat timide aard. Hij kon niet instemmen met het geweld van de lutheranen en gaf er de voorkeur aan de katholieken met woorden in plaats van daden aan te vallen.

Toen More door Hendrik VIII werd geëxecuteerd omdat hij weigerde diens suprematie als hoofd van de kerk van Engeland boven de paus te accepteren, zou Erasmus gezegd hebben: ‘Had More zich maar nooit bemoeid met die gevaarlijke zaak en de theologie overgelaten aan de theologen: Een uitspraak die tekenend is voor het verschil tussen zijn karakter en de compromisloze, onverzettelijke aard van More.